Groene propaganda verstoorde het denken

De bevolking in de westerse landen is geïndoctrineerd door groene propaganda over broeikasgassen en klimaatverandering.

Als in enquêtes de vraag is wat de grootste problemen zijn, dan komt klimaatverandering op de onderste positie.

Klimaatverandering wordt door slechts 1,5% van de ondervraagden [spontaan] genoemd als een groot maatschappelijk probleem. Dit percentage is de afgelopen tien jaar nauwelijks veranderd. Alleen vorig jaar [Parijs] was er een uitschieter naar 3%. SCP COB 2016

In de rest van de wereld zie je hetzelfde resultaat. Geen wonder, want van klimaatverandering is niets te merken in het dagelijks leven en er zijn reële, hardnekkige problemen. Laat die 2 procent even op je inwerken.

Tegelijk gelooft een ruime meerderheid in klimaatverandering.

Peil maart 2019:

Maakt u zich zorgen om de opwarming van de aarde? 56 procent zegt ja. Dit was 56-63 procent tussen 2015 en nu.

Denkt u dat de mens verantwoordelijk is voor de opwarming van de aarde? 63 procent zegt ja. Dit was rond 70 procent tot eind 2018.

1Vandaag panel januari 2019:

In hoeverre maak je je zorgen om de gevolgen van de wereldwijde klimaatverandering voor Nederland?

Heel veel zorgen 18%, tamelijk veel zorgen 33%, niet zo veel zorgen 32%, helemaal geen zorgen 16%.

In hoeverre verwacht je dat de gevolgen van klimaatverandering in de komende 50 jaar Nederland zullen raken? We doelen hier dus niet op overheidsmaatregelen, maar wel de letterlijke gevolgen die klimaatverandering op onze aarde – en daarmee Nederland – heeft.

Heel hard (raken) 20%, redelijk hard 36%, niet zo hard 30%, helemaal niet 10%

De twee vragen liggen in elkaars verlengde en dat klopt met de percentages.

Hoe hard heeft klimaatverandering ons land tot nu toe geraakt? is een veel betere vraag!

Dus: klimaatverandering wordt nauwelijks als groot probleem genoemd als men die moet opsommen, en wordt wel als groot probleem gezien als de enquête daarover gaat.

Die vreemde situatie kun je verklaren met continue propaganda die het denken verstoord heeft. In mindere mate komt het door de vraagstelling in de peilingen : opwarming en klimaatverandering worden als feit gegeven.

Als je een valse voorstelling van zaken telkens herhaalt dan gaan mensen het geloven. Bij klimaatverandering werken de volgende mechanismen in het voordeel van de groenen.

  1. Als iemand een gevaar signaleert zullen veel mensen het geloven want a) over zoiets lieg je niet, b) stel dat het waar is: dan moeten we handelen. A werkt ook bij een (politieke) tegenstander beschuldigen van een of ander wangedrag. Al is het onwaar de twijfel is gezaaid.
  2. De neiging tot groepsdenken is groot in de bovenlaag. Je behoudt je positie en komt hogerop op voorwaarde dat je de consensus niet bestrijdt. Mensen buiten de bovenlaag vinden het niet erg om een ‘domme’ vraag te stellen of in te gaan tegen de dominante opvatting.
  3. Het klimaat redden wordt gezien als het dienen van een goede zaak: heel aantrekkelijk in een wereld zonder idealen.
  4. Het voorzorgprincipe is het sluitstuk in het doemscenario. “We weten niet exact wat er gaat gebeuren, maar we moeten nu handelen. We hebben geen keuze.” Men speelt in op het verantwoordelijkheidsgevoel bij velen: dat mag niet gebeuren.
  5. Sneeuwbaleffect: Klimaatverandering is een toverwoord, het wordt overal bijgehaald als verklaring. Met die term is de kans op plaatsing van een bericht groter. Zo dringt klimaatverandering steeds verder door in de gedachten. Vergelijkbaar: heksen waren schuldig aan een lange reeks onheil.
  6. Het CO2-verhaal maakt indruk op de hardwerkende (tijd-arme) Nederlander. Op het eerste gezicht klopt het.

Akelig maar waar: klimaatverandering is geen gevaar en wordt gevreesd, en de energietransitie is een groot gevaar en wordt gesteund in zijn algemeenheid.

Wanneer het over klimaatbeleid, de maatregelen gaat is men veel kritischer. Hoe concreter, des te minder steun.

Los van de uitwerking: Hoe belangrijk vind je het dat er een Klimaatwet is waarin landelijke klimaatdoelen worden vastgelegd?
Heel belangrijk 32%, redelijk belangrijk 27%, niet zo belangrijk 17%, helemaal niet belangrijk 20%

En de steun neemt af, ondanks het geringe inzicht (mijn inschatting) in de gevolgen van die drastische energiereductie.

Los van de uitwerking: Vind je het een goed of een slecht plan dat de CO2-uitstoot in 2030 de helft minder moet zijn dan in 1990?
Januari ’19 tegenover juni ’18
Een goed plan 59% was 73%, een slecht plan 31% was 15%
Los van de uitwerking: Vind je het een goed of een slecht plan dat Nederland in 2050 vrijwel energieneutraal (sic) moet zijn?
Een goed plan 55% was 67% , een slecht plan 35% was 20%

Peil.nl, 2015: Wilt u dat het overheidsbeleid erop gericht is dat de CO2 uitstoot in 2050 minstens 95% lager is dan in 1990? Ja 64 procent, nee 36 %.

Ook het Klimaatakkoord wordt in meerderheid afgewezen.

Voor zover je de inhoud kent, ben je in principe positief of negatief over het Klimaatakkoord?
Heel positief 5%, redelijk positief 28%, redelijk negatief 25%, heel negatief 29%

Vind je het een goed of een slecht plan als alle huizen gasloos worden?
Een goed plan 45% , een slecht plan 47%

Deze draconische maatregel wordt nog door (te) veel mensen gesteund. Die steun zal de komende jaren verdampen, als gevolg van berichten als

De vijftig ‘groene’ woningen in de wijk Passewaaij in Tiel zijn weer aangesloten op het gas. De woningen hebben een warmtekoude-installatie om de woning te verwarmen en koelen. De inspectie heeft deze buiten werking gesteld. De woningen waren niet warm te stoken in de koude maanden. Nu iedereen op het gas is aangesloten is het weer warm in de woningen.

Als de grote ‘boosdoeners’ aangeslagen worden vindt men dat best.

Peil, maar ’19: Er moet een CO2-belasting komen op de uitstoot van grote bedrijven. Ja zegt 74 procent. De vraag is vals, want dit ontbreekt: ‘ook als zij daardoor in grote problemen komen.’

Please Login to Comment.